De kleur van nonnetjes

De kleuren van het schelpdier nonnetje zijn erfelijk bepaald. De meest dominante genvariant is roze, de daaropvolgende is oranje, gevolgd door geel en de meest recessieve kleur is wit.12 nonnen12 nonnen
(Foto NIOZ)
Dit hebben de onderzoekers Piternella Luttikhuizen en Jan Drent van het Koninklijk Nederlands Instituut voor Zeeonderzoek vastgesteld.
Dat erfelijkheid bij nonnetjes de hoofdrol speelt, bleek uit kweekexperimenten op Texel. De onderzoekers kruisten telkens twee ouders en lieten de nakomelingen meer dan een jaar opgroeien. Pas dan is de schelpkleur goed te zien.
Luttikhuizen: ‘Toen bleek dat twee witte nonnetjes altijd alleen maar witte nakomelingen kregen, terwijl twee roze ouders alle mogelijke kleuren in hun nakomelingenschap konden krijgen.’
Een vergelijking met de proeven de de Oostenrijkse monnik Gregor Mendel (1822-1884) dringt zich op. Hij kruiste gladde en ruwe erwten met elkaar. In de eerste generatie daarna waren alle erwten glad, maar van de kleinkinderen was weer een vierde deel ruw. Dat komt doordat de eigenschap glad hier dominant is en de eigenschap ruw recessief.
Bij nonnetjes ligt het genetisch iets ingewikkelder dan bij de proeven van Mendel met slechts twee varianten van een eigenschap: uit in totaal 53 gekweekte families nonnetjes leidden de onderzoekers af dat er vier erfelijke varianten van het kleur-gen bestaan: roze, oranje, geel en wit.
Bron: Volkskrant.nl


Gebruikerslogin

Navigatie

Laatste reacties